U bent hier

Daniël Buren - Souvenirfoto van een markt in Pointe-a-Pitre Quadelupe

Daniël Buren - Souvenirfoto van een markt in Pointe-a-Pitre Quadelupe

De foto die u hier afgebeeld ziet is de enige illustratie die Daniël Buren in het kader van Openbaar kunstbezit als reproduktie aanvaardt, met een tekst over zijn werk. Men kan natuurlijk wel het werk van Buren fotografisch reproduceren, maar dit zou helemaal geen belang hebben, en daarbij zou het misschien in tegenspraak zijn met de aard zelf van het werk, dat alleen maar zin heeft als een gebeurtenis, of meer nog als een daad. Men beschrijft het werk van Buren onnauwkeurig wanneer men beweert dat Buren alleen maar papier of doek met om beurten witte en gekleurde strepen exposeert. Men kan dit vrij banaal materiaal eigenlijk niet zien zonder de context waarin het verschijnt, juist zoals die context zelf wordt gemaakt door het materiaal dat men erin exposeert. Men zou natuurlijk wel foto's kunnen publiceren van bepaalde exposities van het werk van Buren. Maar Buren laat terecht opmerken hoe tegenwoordig dergelijke fotografische documenten de status van verkoopbare kunstwerken beginnen te verkrijgen, en het is welbepaald tegen deze situatie dat hij wil reageren. Elke illustratie moet men als een document zien. Om geen enkel misverstand mogelijk te maken wenst hij dus dat men in verband met zijn werk een willekeurig document zou reproduceren, opdat men een desgevallende foto van zijn werk, in zijn context, ook duidelijk als een document zou beschouwen, en niet als een kunstwerk. Een eenvoudig verhaal kan dit aantonen: indien Buren dit materiaal in het kader van een expositie in een galerie, een museum of een groots opgezet kunstgebeuren zoals Documenta tentoonstelt, dan verkrijgt dit materiaal automatisch de status van kunstwerk. Men heeft het zelfs een tijd geleden beschouwd als een uiting van de 'Minimal Art'; vandaag is men eerder geneigd het als een 'conceptueel' werk te bekijken. Maar wanneer hij het buiten die wel omlijnde 'artistieke' ruimte brengt, dan ziet men het soms zelfs niet eens; en wanneer men het wel waarneemt, dan verschijnt het als een nieuwsoortige versiering, een experimenteel verkeerssignaal, enzovoort, in elk geval als iets zeer banaals. Wat Buren hiermee aantoont is duidelijk: 'kunst' ontstaat binnen een welomlijnde ruimte, binnen hetgeen hij 'les limites culturelles', de perken van de cultuur, noemt. Alles wat daarbinnen gebeurt is kunst. Dit gaat verder dan men denkt. Bepaalde hedendaagse kunstrichtingen, zoals bijvoorbeeld de 'Land Art' (wijzigingen in een of ander landschap) lijken op het eerste zicht zich inderdaad buiten de traditionele expositieruimte te bevinden. Nochtans bestaan zij eigenlijk niet, als kuntwerken, zonder bijvoorbeeld de naam van de kunstenaar, en zeker niet zonder dat een of ander organisme dit werk op de een of andere manier bekend maakt, wat meestal in de vorm van een publikatie gebeurt, een tekst. Telkens wanneer Buren vraagt deel te nemen aan een of ander groepsgebeuren toont hij deze situatie aan, meestal door zijn materiaal tegelijk binnen en buiten de aangewezen ruimte ten toon te stellen. Met de jaren - hij is nu zo wat zes jaar met dit soort werk bezig - heeft deze activiteit wel bijbetekenissen verkregen. Al was het maar omdat Buren telkens hetzelfde herhaalt. Maar het is maar een schijnbare herhaling; toen hij voor de eerste maal binnen en buiten bepaalde culturele perken exposeerde, had deze daad een betekenis op zichzelf, welke betekenis in een volgende uitvoering behouden bleef, maar het publiek is deze vorm van activiteit als een typische arbeid, het werk van Buren gaan beschouwen. En in deze zin treedt Buren zelf niet buiten de grenzen. Hij speelt het spel mee. Maar dit is volkomen logisch: er is, volgens hem, geen andere methode om aan te tonen dat de vrijheid die men de kunst en de kunstenaar, toeschrijft, alleen binnen welomlijnde perken, in een volkomen ongevaarlijke ruimte, kan ontstaan. Zo zal men begrijpen dat Daniël Buren ook volkomen logisch weigert dat men zijn materiaal in Openbaar kunstbezit zou reproduceren. Er is niets te reproduceren: er is eigenlijk geen kunstwerk. Men zou alleen maar kunnen zeggen: kijk, dit is nu wat Buren gebruikt wanneer hij optreedt. Indien het toch was gereproduceerd, dan was het alleen als een herinnering: maar de afbeelding zou volstaan opdat men zou denken voor een werk van Buren te staan. Om dat te vermijden toont Buren, speciaal voor deze uitgave van Openbaar kunstbezit, een andersoortige herinnering, als een illustratie voor het feit dat men zijn werk niet kan illustreren.