U bent hier

Laatste dagen Dulle Griet

Openbaar Kunstbezit Vlaanderen Dulle Griet Bruegel

 

Twee absolute topstukken uit de musea Antwerpen verdwijnen een tijdje. 15 januari is de laatste dag om ze te aanschouwen. Het Zelfportret van Rubens uit het Rubenshuis en de Dulle Griet van Pieter Bruegel de Oude uit het Museum Mayer van den Bergh worden binnenkort gerestaureerd. Pas in 2018 en 2019 keren ze terug.

 

Niemand kan zich nog herinneren dat ze niet in Antwerpen hingen. Binnen enkele dagen vertrekken ze naar Brussel voor een restauratie door het Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium (KIK/IRPA), het instituut dat als het ware de wetenschappelijke restauratie uitvond in de jaren 1940. Het KIK restaureerde reeds twee keer het Lam Gods.

 

Alvorens te restaureren gaan de restauratoren de twee schilderijen onderzoeken. In 2012 bracht het onderzoek van het team van prof. dr. Maximiliaan Martens van de Universiteit Gent door macrofotografie, infrarood- en röntgenopnames verbluffende resultaten over de Dulle Griet aan het licht. Zo bleek dat Pieter Bruegel het schilderij al ‘Dulle Griet’ doopte. Het onderzoek gaf ook een gedetailleerd beeld van de ondertekening van het schilderij en bracht ook de oorspronkelijke kleuren aan het licht. Het blauw en groen bleek verkleurd door het gebruik van blauwe glasbolletjes als pigment. Dit glas, ook smalt genaamd, was een populair betaalbaar soort blauw dat vele Antwerpse schilders in de zestiende eeuw gebruikten.

 

Het Conservation Department van de National Gallery in Londen onderzocht het Zelfportret van Rubens in 2014. De laatste vernislaag op het portret vormt een ernstig en ingewikkeld probleem en dient voorzichtig en nauwkeurig van het schilderij afgehaald te worden.

 

Een restauratie gaat als volgt te werk: eerst begint een uitvoerig kunsthistorisch en technisch onderzoek. Dit houdt onder andere in dat het houten paneel gedateerd wordt (dendrochronologie) en de verfsamenstelling wordt uitgevist (pigmentanalyse). Vervolgens stellen ze een interventieplan op en kiezen ze de methodologie en pas na veel wikken en wegen start de restauratie.

 

De Antwerpse schepen van cultuur Caroline Bastiaens meldt: “Het Zelfportret van Rubens en de Dulle Griet van Pieter Bruegel de Oude zijn twee iconische werken voor Antwerpen. Ze verlaten onze stad - hun habitat - voor een tijdje en gaan naar het Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium te Brussel. Daar zullen ze met de grootste expertise en zorg behandeld worden. Het feit dat beide topstukken na de restauratie zullen schitteren op het barokjaar én het Bruegeljaar biedt onze stad bijzonder mooie perspectieven voor 2018 en 2019. Samen met de bezoekers en bewoners van onze stad grijp ik nog snel een laatste kans om de werken te bewonderen voor hun vertrek in januari 2017”.

 

Wie naast de solden niet twee van de bekendste kunstwerken wil missen spoedt zich best voor 15 januari naar de Antwerpse musea.