U bent hier

James Sidney Ensor - Geraamte in travestie

 

In het Caermersklooster loopt sinds 15 maart de tentoonstelling OER. De wortels van Vlaanderen, waar de nadruk gelegd wordt op de Vlaamse kunst tussen 1880 en 1930. Er zijn werken te zien van de invloedrijkste schilders uit die tijd zoals Emile Claus, Rik Wouters, Constant Permeke en James Ensor.

 

De periode is een keerpunt in de kunst- en cultuurgeschiedenis: de industrie doet zijn intrede in België en boeren trekken massaal van het platteland naar de steden. Dit veranderende landschap zorgt ervoor dat verschillende kunstenaars op zoek gaan naar hun roots en hun toevlucht nemen in hun omliggende omgeving zoals de zee. Dit is de plek waar we de kunstenaar Ensor kunnen situeren; hij woonde met zijn gezin in Oostende. Op het moment dat de familie Ensor er verbleef was de nu zo bekende badplaats een simpel vissersstadje dat sterk beveiligd werd met wallen en stadspoorten. Zijn ouders baatten een curiositeitenwinkel uit die later een grote invloed had op Ensor zijn werken. Ze verkochten er onder andere de bekende maskers die we van hem kennen.

 

Een fantasierijk oeuvre

 

In de beginperiode van zijn carrière toonden de schilderwerken nog realistische stillevens en landschapen. Het was pas vanaf 1887 dat de kunstenaar begon te experimenteren en zijn fantasie de vrije loop liet. Hierdoor kregen zijn werken een groteske en satirische toets. Ook speelde hij met de inval en de kleuren van het licht. Dit was de periode waarin hij veel tekeningen maakte. Die vertoonden eveneens surreële motieven en lichtschakeringen aan de hand van fijnere en bredere lijnen. Hij ging zelfs zover dat hij zijn bestaande academische tekeningen herwerkte tot een groteskere en uitdagendere voorstelling.

 

Portret van James Ensor door Henry De Groux (1907), Mu.ZEE, Oostende

 

Geraamte in travestie

 

In dit kunstwerk staat het macabere, komieke en de travestie centraal. Ensor legt de nadruk op het ‘eindige en vluchtige’; niets blijft duren en alles is vergankelijk. Verder verbeeldden de diverse hoeden die de schedels dragen en de uitsteken tongen de kritiek die Ensor  van zijn publiek te horen kreeg. De schilder maakte wel vaker satirische voorstellingen van de gegoede burgerij. Hij zag zichzelfs als een onbegrepen genie en de rijken begrepen zijn kunst niet. Het is pas veel later dat ook de hogere burgerij waardering toont voor Ensor zijn werken. Geraamte in travestie wordt vanwege de uitbundige kleuren, satirische toon en de vlakheid die het schilderij toont ook wel tot het expressionisme gerekend.

 

Maskers en schedels lijken wel de handelsmerken van Ensor na 1887. We weten al dat de maskers een uitbeelding zijn van spullen die hij in de winkel van zijn ouders zag, maar ook de doodshoofden zijn herinneringen uit zijn jeugd. Tijdens de Spaanse belegering in Oostende vielen er namelijk duizende doden, die later als skeletten werden teruggevonden bij onder andere de verbouwingen van huizen en openbare gebouwen. Ensor heeft in zijn jeugdjaren zeker zijn portie beenderen gezien en dit heeft mede een invloed gehad op zijn artistiek oeuvre.

 

Het olieverfschilderij werd in 2015 geveild op ‘Ensor to Permeke’ in veilinghuis Brussels Art Auctions. Een Belgische koper betaalde er 2.02 miljoen euro voor, wat een enorm bedrag is voor een klein formaat van slechts 20 op 36,6 centimeter. Het werk blijft nog steeds in België, maar wel in privécollectie. Voor de tentoonstelling wordt het werk tijdelijk uitgeleend.

 

 

Elke maand bespreekt een tento.be-redacteur een kunstwerk. In mei is Anneleen Van Wulpen aan de beurt.

 

James Ensor

Geraamte in travestie

1894

 

De tentoonstelling OER. De wortels van Vlaanderen loopt nog tot 6 augustus 2017 in het Caermersklooster in Gent.

 

Foto: ©BA Auctions