U bent hier

Depoorter Matthias

Depoorter Matthias

Hugo van der Goes and the procedures of art and salvation

Ga er maar aan staan: een accuraat boekwerk schrijven over de enigmatische Hugo van der Goes (ca. 1440-1482) en zijn Portinari-altaarstuk. Er bestaan eenvoudiger opdrachten. Margaret L. Koster breidde haar doctoraatsverhandeling uit met een gedegen onderzoek, dat resulteert in een monografie van het befaamde altaarstuk. 

Vorig jaar kocht de Koning Boudewijnstichting het werk 'De doedelzakspeler' van Jacob Jordaens. Het Antwerpse Rubenshuis mag het met de beste zorgen omringen. Jacob Jordaens vormde tesamen met Pieter Paul Rubens en Anton Van Dyck het richtinggevend trio in de 17de eeuw. 

Terwijl men in het Groeningemuseum te Brugge focust op Van Eyck en Dürer, snijdt het BOZAR te Brussel een hoofdstuk Cranach aan. Lucas Cranach de Oude (1472-1553) maakte vooral religieuze schilderijen en houtsneden, maar kon niet boven Dürer, het toenmalige genie, uitkomen. 

Het Groeningemuseum te Brugge pakt uit met de tentoonstelling Van Eyck tot Dürer over de invloed die de Vlaamse Primitieven hebben uitgeoefend op kunstenaars in Centraal- en Oost-Europa tussen 1430 en 1530. Die invloed was enorm. 

Een adembenemende perfectie van letters en miniaturen, 340 folio’s lang: dat is de Anjoubijbel. Een veertiende-eeuws manuscript dat op verbluffende wijze het Napolitaanse hof evoceert. Het boek ligt veilig opgeborgen in de kluis van de ‘preciosa’ van de Leuvense Godgeleerdheidsfaculteit. 

Juan de Flandes maakte rond 1500 op het Iberische schiereiland schilderijen in de stijl van de Vlaamse Primitieven. Een van die prestigieuze opdrachten was het Mirafloresretabel dat uit vijf luiken bestaat. In de loop der tijd raakten de panelen over de wereld verspreid. Eén was lange tijd onvindbaar, tot het recent in Belgrado opdook. 

Sint-Joris in volle wapenrusting met een schild op de rug (foto Kris Vandevorst, © VIOE)

Muurschilderingen kennen soms een bewogen geschiedenis: van technische moeilijkheden tot overschilderingen die permanent kunnen zijn. Drie sprekende voorbeelden passeren de revue. Zo ontwaarden wetenschappers van het Vlaams Instituut voor het Onroerend Erfgoed (VIOE) kwaliteitsvolle muurschilderingen in de Sint-Janskerk in Mechelen. 

De Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België in Brussel brengen het inheemse symbolisme van kop tot teen. Weinig stromingen waren zo multidisciplinair. Brussel was ontmoetingsplaats: onder andere Charles Baudelaire (1821-1867), richtinggevend dichter, verbleef er een tijdje.

Op 21 oktober 1489, feestdag van de heilige Ursula, vond een ceremonie plaats in het Brugse Sint-Janshospitaal. De zusters en broeders hadden de relieken van elfduizend maagden uit het oude Ursulaschrijntje naar het nieuwe, door Hans Memling beschilderde, Ursulaschrijn getransfereerd. Oud ingewisseld voor nieuw; ook op kunst staat een houdbaarheidsdatum.

De topstukkenraad buigt zich over een nieuwe, aangevulde lijst met zestiende-eeuwse topstukken. Wij lichten één van de vroege meesterwerken uit die eeuw uit. Het Groeningemuseum in Brugge waakt over Gerard Davids (1460/65-1523) Triptiek met De doop van Christus.

Pagina's

Abonneren op RSS - Depoorter Matthias